Berekening van de BUIG-gelden
Gemeentelijke budgetten voor bijstandsuitkeringen
BUIG-gelden zijn middelen die gemeenten vanuit het Rijk krijgen om bijstandsuitkeringen en aanverwante regelingen te betalen.
Het gaat onder andere om:
- Participatiewet
- IOAW
- IOAZ
- BBZ 2004 (levensonderhoud voor startende ondernemers)
- Loonkostensubsidies
Als een gemeente tekortkomt, kan zij onder voorwaarden aanvullende middelen aanvragen via een vangnetregeling.

Hoe wordt het BUIG-budget voor gemeenten berekend?
Het Rijk gebruikt een verdeelmodel om te bepalen hoeveel BUIG-gelden elke gemeente krijgt. De berekening houdt in dat er eerst een landelijk totaalbudget (ook wel Macro-budget) voor een jaar vastgesteld wordt. In 2025 was dit € 7,78 miljard. Vervolgens worden de middelen via twee methoden onder gemeenten verdeeld: historisch en objectief. Het historisch model baseert budgetten op uitgaven uit het verleden. Dit model wordt voor kleinere gemeenten ( < 15.000 inwoners) gebruikt. Het objectief model (toegepast bij gemeenten met > 15.000 inwoners) verdeelt budgetten gebaseerd op structurele kenmerken, zoals het werkelijke bijstandsvolume. Met die informatie ontstaat een naar-rato-verdeling van het budget over de gemeenten berekend.
Herverdeeleffect in Noardwest-Fryslân
In 2024 is het objectief verdeelmodel aangepast. Dat leidde in Nederland tot grote herverdeeleffecten. In Friesland kregen de gemeenten Súdwest-Fryslân, Noardeast-Fryslân, De Fryske Marren en de gemeente Waadhoeke hierdoor een relatief minder groot aandeel van het macrobudget. Het gevolg hiervan is dat de BUIG-inkomsten in 2025 voor de gemeente Waadhoeke lager waren dan de uitgaven voor bijstandsuitkeringen en aanverwante regelingen. Voor dit tekort komt de gemeente Waadhoeke voor 2025 in aanmerking voor een vangnetuitkering.
Meer weten?
Wilt u meer weten over de BUIG-gelden? Laat het ons weten via secretariaat@dedienst.nl, we lichten het graag verder toe.
