Waarom stegen de kosten voor lokaal ingekochte jeugdzorg in 2025?
De kosten voor jeugdhulp nemen toe. In dit artikel leggen we uit wat voor zorg dit betreft, wat de oorzaak van de stijging is, en wat de gevolgen zijn.
In principe regelt Sociaal Domein Fryslân de inkoop van jeugdhulp voor alle Friese gemeenten. Maar in een aantal gevallen voldoet die provinciaal ingekochte zorg niet. Gemeenten (of De Dienst namens de Noardwest-gemeenten) kunnen dan lokaal aanvullende zorg inkopen, door zelfstandig contracten met zorgaanbieders af te sluiten.
Wat is lokale inkoop?
Lokale inkoop is aan de orde in (met name) de volgende gevallen:
- Er is bovenregionaal zorg nodig, wanneer een jeugdige buiten Friesland woont maar voor wie een Friese gemeente nog verantwoordelijk is (woonplaatsbeginsel).
- Er is geen provinciaal aanbod beschikbaar. Dit betreft vaak situaties waarin de zorgvorm Verblijf nodig is maar er provinciaal niet genoeg plekken beschikbaar zijn.
- Er is specifieke expertise nodig die niet regionaal is gecontracteerd. Denk hierbij aan bijvoorbeeld forensische expertise.
Een kleine stijging bij Verblijf betekent meteen een grote stijging in de kosten
Meestal is lokale inkoop niet duurder dan de provinciaal ingekochte zorg. Soms is het zelfs goedkoper. Maar we zien de kosten van lokale inkoop vooral toenemen door de relatief dure voorziening Verblijf. En dan vooral bij jeugdigen met ernstige gedragsproblemen: zij hebben intensieve begeleiding nodig, en daardoor gaan de kosten van Verblijf omhoog. Een kleine stijging van het aantal jeugdigen met verblijf, zorgt daardoor dus al gauw tot een forse stijging van de kosten.

Deze grafiek laat zien dat met name het aandeel kosten van verblijf fors tegenomen is ten opzichte van 2024.

Deze grafiek toont de verhouding van het aantal jeugdigen met bepaalde zorgvormen. In 2025 is er in totaal voor 17 jeugdigen Verblijf via lokale inkoop ingekocht. Ongeveer een kwart van de jeugdigen met Verblijf zorgt dus voor zo’n twee derde van de kosten van lokale inkoop.
Waarom stijgt het aantal jeugdigen met Verblijf?
Het aantal jeugdigen met Verblijf stijgt onder andere door het sluiten van de gesloten inrichting Woodbrokers in Friesland. Dat hangt ook samen met landelijke ontwikkeling: ‘Geen gesloten jeugdhulp meer in 2030’ | Nederlands Jeugdinstituut. Als gevolg hiervan worden deze jongeren ‘regulier’ geplaatst. Maar dan wel met (veel) meer begeleiding, omdat deze jongeren intensieve zorg nodig hebben. Dit heeft een kostenverhogend effect: van een gesloten inrichting met beperktere begeleiding naar een open verblijf met veel begeleiding.
Acties
Alle Friese gemeenten zien een toename van lokale inkoop van Verblijf, omdat er provinciaal te weinig passende plekken ingekocht zijn. SDF onderneemt verschillende acties om het zorglandschap hierin te verbeteren. Vanuit De Dienst zijn we regelmatig in gesprek met SDF over verzoeken tot lokale inkoop en eventuele regionale mogelijkheden. We gaan alleen met heldere onderbouwing over tot lokale inkoop. De lokaal te contracteren zorgaanbieders moeten bovendien voldoen aan de (landelijke) kwaliteitseisen. En we melden iedere lokale overeenkomst bij SDF, zodat zij zicht houden op het geheel van overeenkomsten in de provincie.
Linksom of rechtsom
De jeugdhulpkosten nemen dus onder andere toe door het sluiten van gesloten inrichtingen. Dit lossen we op met lokale inkoop, omdat er provinciaal onvoldoende alternatieven ingekocht zijn. Maar de stijging van de kosten staat los van lokale of provinciale inkoop: de met lokale inkoop gemaakte kosten waren anders via SDF en de reguliere voorzieningen Specialistische Jeugdhulp (SJH) of Wonen bij de gemeenten terecht gekomen. Ook vinden we het van belang om te benadrukken dat regionale of lokale inkoop geen invloed heeft op het aantal jeugdigen met zorgvragen.